Anekdotes uit de sportgeneeskunde - Karel Lismont

Tijdens de tiende editie van het Limburgs Congres voor Sportgeneeskunde voorzag ik een debat tussen sportgeneesheren, sportjournalisten en mensen die nauw met topsport verbonden waren.

Professor Paul Van Cauwenberge (1949-), het toenmalige diensthoofd neus-keel-oren van de Universiteit van Gent en een fervent sportliefhebber, modereerde het geheel samen met cabaretier, radiopresentator, columnist en journalist Armand Schreurs (1952-).

In het panel zaten onder meer Fons Brydenbach (1954-2009), Karel Lismont (1949-), Walter Meeuws (1951-) en René Vandereycken (1953-).

Op zeker ogenblik werd de rol van adequaat schoeisel besproken en toen men aan Karel Lismont vroeg wanneer hij van schoeisel wisselde, antwoordde hij lakoniek:

“Als ik de steentjes door de zolen begin te voelen”

In de jaren ’70 behoorde Karel Lismont in de atletiekwereld tot de wereldtop lange afstand. Zo won hij twee Belgische titels in het veldlopen, eentje op de 10.000m en drie op de marathon. Zijn vier Olympische deelnames aan de marathon bezorgden hem de zilveren medaille op de Spelen van 1972 in München en de bronzen vier jaar later in Montréal.
In 1971 kroonde Lismont zich in Helsinki tot Europees marathonkampioen en in 1978 finishte hij op het EK in Praag als derde. Op de WK's veldlopen van 1974 in Monza en van 1978 in Glasgow haalde hij brons. Fantastisch palmares voor een zuivere amateur, want beroepshalve werkte hij in Brussel fulltime voor het Ministerie van Financiën.

In 1973 kroonde Fons Brydenbach zich in Duisburg tot Europees jeugdkampioen 400m. Het jaar nadien in Sofia verbeterde hij het wereldindoorrecord op dat nummer met een chrono van 45.9 en drie weken later in Göteborg haalde hij de Europese indoortitel, wat hij in 1977 nog eens overdeed in San Sebastian.
In 1976 plaatste Brydenbach zich in Montreal voor de Olympische finale van de 400m, waarin hij vierde eindigde na de Cubaanse winnaar Alberto Juantorena (1950-) en de Amerikanen Fred Newhouse (1948-) en Herman Frazier (1954-), al kwam hij amper zes hondersten tekort voor het brons. Vier jaar later in Moskou eindigde hij in de finale van datzelfde nummer als vijfde. Hij smukte dit mooie palmares op met negen Belgische titels. In 2009 overleed Brydenbach aan de gevolgen van blaaskanker.

Walter Meeuws was een centrale verdediger die met Club Brugge in 1980 Belgisch kampioen werd, een stunt die hij in 1982 en 1984 overdeed bij Standard Liège. Hij speelde ook voor de Nederlandse topclub Ajax Amsterdam en was in 1980 lid van de Belgische ploeg die de finale van het EK met 2-1 verloor van Duitsland. Meeuws werd 45 keer opgeroepen voor het nationaal elftal. Na zijn spelerscarrière trainde Meeuws heel wat Belgische en buitenlandse clubs en in 1990 loodste hij de Belgische nationale ploeg naar het WK in Italië. Als trainer won hij 3 bekers met Antwerp, Lierse en het Marokkaanse Far Rabat en de Supercup met Lierse. Met Antwerp haalde hij de finale van de Europacup II op Wembley en met Raja Casablanca de finale van de Afrikaanse Champions league.

René Vandereycken speelde onder meer voor Club Brugge en RSC Anderlecht en was later actief als trainer bij Standard Liège, KAA Gent en FC Twente. Van 2006 tot 2009 was hij Belgisch bondscoach en in 1991 werd hij in België tot Trainer van het Jaar verkozen. Met Club Brugge werd Vandereycken in 1976, 1977, 1978 en 1980  Belgisch kampioen en met Anderlecht in 1985 en 1986. In 1977 won hij met Club Brugge ook de Belgische beker en in 1980 de Supercup. Die laatste trofee haalde hij in 1985 ook met Anderlecht binnen.
In 1978 bereikte Vandereycken met Brugge de finale van Europacup 1 tegen Liverpool, een tegenstrever die hij twee jaar voordien al kreeg voorgeschoteld in de finale van de UEFA Cup. In 1984 speelde hij met Anderlecht de finale van de UEFA Cup tegen Totteham Hotspur.
Vandereycken verdiende 50 selecties voor de Belgische nationale ploeg, die hij ook trainde van 2005 tot 2009. Daarnaast leidde hij ook 7 clubs.


rdsm