Anekdotes uit de sportgeneeskunde - Heidi Schüller

Een van mijn doelstellingen bij het organiseren van het Limburgs Congres voor Sportgeneeskunde was om personen aan het woord te laten die uit een eigen rijke ervaring konden putten. Dus verschenen er in de loop van de jaren heel wat sprekers op het toneel, die hun ervaring niet alleen als arts kwamen vertolken, maar die bovendien ook succesvolle sporters waren geweest.

Een van hen was de Duitse Heidi Schüller (1950-), waarvan de beelden de wereld rondgingen toen zij in 1972 bij aanvang van de zomerspelen als eerste vrouw de Olympische eed mocht afleggen. Zelf nam ze in München deel aan de 100m horden en het verspringen. In dat laatste nummer eindigde ze vijfde. Ze was Duits kampioene en recordhoudster op de 50m horden indoor en de 100m horden outdoor en beoefende ook de vijfkamp.

Als dochter van een arts studeerde ze in 1976 ‘magna cum laude’ af en specialiseerde zich in anaesthesie aan de Universiteit van Keulen, waar ze enkele jaren later hoofdgeneesheer werd van de afdeling anaestesie en intensive care.

Maar in 1985 switchte ze haar carrière, ze stortte zich op de journalistiek en brak door op het kleine scherm, waar ze de televisieshows 'Drei nach Neun', 'Talk im Turm', 'Club 2' en 'Themenabende' presenteerde.

In de jaren negentig schreef ze een reeks boeken. In haar bestseller 'Die Gesundmacher' uit 1993, rekende ze als insider genadeloos af met wat zij noemde 'de halfgoden in het wit'. Haar kritiek was vooral gericht op het blinde geloof in de vooruitgang van de geneeskunde. Ze pleitte ook tegen elke vorm van levensverlenging.

"Er is de afgelopen honderd jaar niet echt iets veranderd. De verhoogde levensverwachting is te wijten aan een paar medische verworvenheden, zoals antibiotica, een  verbeterde hygiëne en de verminderde kindersterfte."

Ook de gezondheidsconsumenten kregen ervan langs.

"De gezondheid begint in het hoofd, de mensen in dit land moeten het concept van gezondheid misschien opnieuw bescheidener formuleren en pas na zorgvuldige overweging naar medicijnen grijpen. Men mag elk normaal verouderingssymptoom niet met een medisch arsenaal als een ziekte bestrijden."

Ook de media gaf ze een groot deel van de schuld, Veel sensatie artikels over nieuwe genezingsmethoden hadden vooral een economische achtergrond maar bleken vooral zeepbellen.

In een interview net voor de Spelen van Beijing uitte ze haar ongenoegen over het feit dat het tijdens Olympische Spelen al lang niet meer om de atleten draait, maar dat de vierjarige evenementen uitgegroeid waren tot een miljarden business, waarbij de atleten als folklore dienden. In datzelfde interview bekende ze dat ze de Olympische eed nu niet meer zou kunnen afleggen.

"Dat erbij zijn alles is, is toch klinkklare onzin. "The winner takes it all", de winnaar bezit alles en daarom heef men alles over voor een overwinning, zelfs met spookachtige middelen. Je gelooft toch echt niet dat er in Beijing niets aan de hand is met doping. Indien niet tijdens de Olympiade zelf, dan zeker lang op voorhand, zodat ze in topvorm zijn voor de Spelen. Tijdens de winter voor de Olympische Spelen van '72 maakte ik zelf mee hoe enkele atleten in het Duitse trainingskamp hun sportzakken openden en anabole steroïden uit grote plastieken dozen haalden, die ze naar verluidt via Zweedse sportstudenten uit de DDR-voorraden hadden bekomen. Ze namen die handjesmaat, volgens het principe 'ik neem er drie meer dan jij'. Zelf kreeg ik begin 1972 in de omgeving van het trainingskamp Effortil aangeboden, een vasculair product, of als alternatief een glas champagne, ik nam het glas champagne. Ik was toch gezond. Ik denk dat ze dat op die manier wilden testen of je er oren naar had."

Toen Rudolph Scharping (1947-) in 1994 SPD-kandidaat werd voor het Duitse kanselierschap had hij de bedoeling om Heidi Schüller Minister van Gezondheid te maken, maar Scharping verloor die verkiezingsstrijd

Met haar boeken ‘Die Gesundmacher’ (1993), ‘Die Alterslüge’ (1995) en ‘Wir Zukunftsdiebe’ (1997) hekelde ze de verkeerde ontwikkelingen in de gezondheids- en pensioenspolitiek en moedigde ze onpopulaire hervormingen aan. Daarop kreeg ze vanuit bepaalde lobbygroepen zelfs doodsbedreigingen.

Na de dopingbekentenissen van de Duitse wielerartsen Lothar Heinrich, Andreas Schmid en Georg Huber zag ze haar jarenlange kritiek aan bepaalde toepassingen in de Sportgeneeskunde bevestigd en zei ze over drugverslaafde sportvedetten

"Dat zijn gekken."


rdsm