Doping in de sport - 2003

2003

De World Anti-Doping Code (WADC), de wereldberoemde anti-dopingrichtlijn voor sporters van de World Anti-Doping Agency (WADA), werd in 2003 voor het eerst goedgekeurd en trad op 1 januari 2004 in werking. De eerste versie werd herzien op 1 januari 2009 en voor het laatst bijgewerkt in 2015. Samen met een reeks internationale normen die WADC in specifieke domeinen nader specificeert, vormt WADC de juridische kern van het wereldwijde dopingcontrolesysteem.

Doping in de DDR

In april 2003 overleed de voormalige zwemmer Torsten Karl (1963-2003) aan de gevolgen van een hersentumor. In de jaren '80 had hij zich driemaal tot DDR-kampioen 200m vlinderslag gekroond. Hij was aangesloten bij SC Turbine Erfurt waar hij samen met de Olympische kampioenen Birte Weigang (1968-) en Cornelia Sirch (1966-) door Wolfgang Fricke (foto) getraind werd en er net als zovele anderen onbewust doping moest slikken. Clubarts Ute Gerullis had de trainer nochtans op de gevaren van Oral-Turinabol gewezen, Karl kreeg keiharde spieren en reageerde uiterst gevoelig op spierspanningen.

In 1985 werd Birte Weigang (1968-) Europees kampioene 100m rugslag en won ze ook de 4 x 100m wisselslag met het DDR-kwartet. Op het WK van 1986 haalde ze brons op de 200m vlinderslag, tijdens het EK van 1987 veroverde ze zilver op de 100 en 200m vlinderslag en tikte ze na 4 x 100m wisselslag als eerste aan met het DDR-kwartet. Een artikel uit de 'Berliner Zeitung' van april 2003 verhaalt haar dopingverleden. Nadat ze wegens rugklachten een RX liet nemen ontdekte de radioloog twee gebroken ruggenwervels. Niet alleen door de keiharde trainingen maar vooral door de grote hoeveelheid toegediende anabolica waren haar spieren veel te sterk geworden voor haar skelet. Het daaraan verbonden discussyndroom was de start van een lijdensweg door verschillende ziekenhuizen. Ze was er zich niet van bewust dat ze doping had genomen, het is algemeen geweten dat de DDR-verantwoordelijken hun niets vermoedende atleten en zwemmers volstouwden met Oral-Turanibol. De gevolgen waren echter nog erger. Als haar rechterbeen meer dan een half uur belast werd sliep het en kon ze het niet meer beheersen. Haar hart was abnormaal groot en de rechter hartspier ernstig beschadigd. Haar aangezicht en postuur waren vermannelijkt.

"Men heeft mij nooit gevraagd of ik ermee akkoord ging dat mijn lichaam na ieder trainingsjaar tien jaar ouder was."

Op de Olympische Spelen van 1988 in Seoul won Cornelia Sirch (1966-) brons op de 100 en 200m rugslag en goud met de estafetteploeg 4 x 100 m wisselslag. In 1982 en 1986 kroonde ze zich tot wereldkampioene 200m rugslag. Als 15-jarige zwom ze op de 200m rugslag een nieuw wereldrecord en haar wereldtitel van 1986 was de vijftigste gouden medaille voor de DDR. Tijdens de EK's van 1983, 1985 en 1987 was ze de beste over 200m rugslag en in 1987 voegde ze daar de Europese titel 200m wisselslag aan toe. Na Seoel en 40.000 km trainen hing ze haar zwempak aan de haak, wegens de hele rits gezondheidsproblemen die duidelijk samenhingen met de dopingproducten die men haar willens nillens had toegediend.

In 2003 kreeg de voormalige roeister Cornelia Jeske-Reichhelm (1963-) inzage in haar gynaecologisch dossier van SC Dynamo Berlin, waarin duidelijk vermeld stond dat ze al op 13-jarige leeftijd testosteron kreeg toegediend. Testosteron werd als 'T' genoteerd en de toegediende dosis als '7 mal T pro m', dus zeven keer testosteron per maand. De notities begonnen in 1976, toen Cornelia Jeske dus 13 jaar oud was. Het jaar nadien werd de dosis verhoogd naar '24x'.  Op haar 18de vroeg coach Bernd Arendt haar openlijk om anabole steroïden te nemen, wat ze weigerde:

"Hij zette me stevig onder druk, maar in het bijzijn van zo'n 20 getuigen weigerde ik ze te nemen. Onder die getuigen tientallen functionarissen, met onder andere de latere hoofdtrainster Rita Schmidt."

Wegens een vervormde ruggengraat was Jeske vanaf 2000 niet meer in staat om te werken. In 2003 kreeg ze 10.439 Euro uit het budget van de Dopingopfer-Hilfegesetzes. Het Duitse Olympisch Comité, de federale regering en Jenapharm, de voormalige producent van het anabole middel Oral-Turinabol, betaalden haar 9.250 euro. In eerste instantie verwierp het Berlijnse Staatsbureau voor Volksgezondheid en Sociale Zaken haar eis omdat het rapport van de Universiteit van Münster geen verband kon of 'wilde' leggen tussen haar gezondheidsproblemen en het toedienen van anabole steroïden.

BALCO schandaal

Een persoon die zich enkel als een ‘high-profile’ atletiekcoach identificeerde wees de Bay Area Laboratory Co-Operative (BALCO) en zijn stichter Victor Conte (1950-) aan als fabrikant en distributeur van een nieuwe, niet op te sporen anabole steroïde, die door heel wat bekende atleten gebruikt werd. Enkele jaren later werden uiteindelijk meer dan dertig topsporters door de Grand Jury van San Francisco als getuigen gedagvaard.

In oktober 2003 werden de Olympische medaillekandidaten Dwain Chaimbers (1978-), Kelly White (1977-), Marion Jones (1975-) en Tim Montgomery (1975-) samen met nog heel wat andere Amerikaanse atleten vernoemd in een grootscheeps dopingschandaal. Dat schandaal groeide later uit tot de BALCO affaire, een van de grootste dopingschandalen ooit. De atleten hadden de anabole steroïde 'tetrahydrogestrinon' (THG) geslikt, omdat ze dachten dat ze niet kon opgespoord worden.

Het BALCO schandaal werd uitgebracht door Mark Fainaru-Wada (1965-) en Lance Williams. In hun boek 'The Game of the Shadows' gingen de twee reporters van de 'San Francisco Chronicle' gedetailleerd in op het dopingverhaal rond de Bay Area Laboratory Company American Co-Operative (BALCO). Voor dit onderzoekswerk kregen Williams en Fainaru-Wada in 2004 de George Polk Award.

Op 5 mei 2006 werden beiden gedagvaard om aan een federale grand jury uit te leggen hoe zij de getuigenissen verkregen hadden. Op 31 mei dienden ze bij Rechter Martin Jenkins het verzoek in om hen niet op te roepen als getuige, wat hen op 15 augustus 2006 geweigerd werd. Op 21 september 2006 werden de twee journalisten tot 18 maanden gevangenisstraf veroordeeld wegens minachting van de rechtbank. Daarop verklaarden ze dat ze nog liever naar de gevangenis gingen dan hun bronnen te openbaren. In 2007 werden ze voor hun uitstekende journalistiek beloond met de Dick Schaap Award.

Via zijn trainer Greg Anderson (1966-) was de Amerikaanse baseballspeler Jason Gilbert Giambi (1971-) een van de afnemers bij BALCO. Achter gesloten deuren bekende hij in december 2004 dat hij tussen 2001 en 2003 meerdere keren anabole steroïden had gebruikt. Dat laatste seizoen spoot hij zich zelfs in met groeihormonen. Op een persconferentie excuseerde Giambi zich in 2005 publiekelijk tegenover de media en zijn fans.

Het BALCO schandaal zorgde voor een heus sneeuwbaleffect, aanvankelijk vooral in het atletiekwereldje.

Op het WK van 2003 in Parijs won de Amerikaanse Kelli White (1977-) zowel de 100 als de 200m. Daags nadien maakte de IAAF echter bekend dat ze positief had getest op modafinil, waardoor ze haar titels kwijtspeelde. Al haar prestaties werden geannuleerd vanaf 15 december 2000, bovendien kreeg ze twee jaar schorsing. In 2006 beëindigde ze haar sportcarrière. Haar dopinggebruik was gelinkt aan de BALCO-affaire. In 2000 introduceerde trainer Remi Korchemny (1932-) haar bij Victor Conte (1950-) de eigenaar van BALCO. White verklaarde dat ze de producten nam omdat men haar die had voorgesteld als voedingssupplementen en vitamines. Eens ze besefte dat het steroïden waren, stopte ze met het gebruik ervan. Nadat men haar met een BALCO-bewijs confronteerde, gaf ze toe dat ze naast Tetrahydrogestrinon (THG) en Erytropoëtine (EPO) ook modafinil had gebruikt.

Toen ze positief testte op THG na het nationaal kampioenschap werd de Amerikaanse loopster Regina Jacobs (1963-) vier jaar geschorst en verloor ze haar titel 1.500m. Ze trok de zaak voor de Rechtbank, maar verloor het geding en stopte meteen met sporten. Ook haar ‘situatie’ was aan de BALCO affaire gekoppeld. Na haar sportcarrière werd ze makelaar in Oakland, Californië. Aanvankelijk gebruikte ze haar vroegere atletieksuccessen als promotie voor haar nieuwe carrière en op haar website stond te lezen:

“Ik word beschouwd als een van de beste Amerikaanse middelafstandloopsters ooit en op 40-jarige leeftijd brak ik nog altiijd records. Geluk of uitzonderlijk talent waren zeker niet de reden van mijn lange opmerkelijke carrière.”

Daarbij vergat ze haar dopingverleden te vermelden. Na protest uit de atletiekwereld, verwijderde Jacobs het citaat van haar website.

Na een positieve plas op THG en Modafinil verloor kogelstoter Kevin Toth (1967-) zijn Amerikaanse titel en de vierde stek op het WK. Ook hij trok zich terug uit de actieve sport en ook hij bleek de firma BALCO goed te kennen.

Nadat men in haar urine sporen van THG had ontdekt, werd hamerslingeraarster Melissa Price (1979-) uit de rangschikkingen van het Amerikaans kampioenschap en het WK geschrapt. Bovendien kreeg ze twee jaar schorsing.

Ze huwde de Britse kogelstoter Carl Myerscough (1979-), die in 1999 twee jaar naar de kant moest omdat hij voor de tweede keer positief had getest op een cocktail van verboden middelen en daardoor zelfs levenslang niet meer aan Olympische Spelen mocht deelnemen. De Court of Arbitration for Sport maakte die levenslange schorsing echter ongedaan, zodat Myerscough Groot-Brittannië kon vertegenwoordigen op de Olympische Spelen van 2012 in eigen land. Daar bakte hij er echter weinig van met een 29ste plaats in de kwalificatieronde. Myerscough heeft altijd ontkend dat hij bewust doping zou hebben gebruikt en verzekerde iedereen dat hij het slachtoffer was geweest van sabotage.

Na het Amerikaans kampioenschap moest hamerslingeraar John McEwen (1974-) het gewonnen zilver inleveren, omdat ook bij hem THG en Modafinil werd gevonden.

Tijdens de Amerikaanse titelstrijd finishte Calvin Harrison (1974-) als tweede op de 400m  en met zijn clubmaats won hij de 4 x 400m. Gezien hij in 1993 al eens gepakt was als junior, werd hij nu twee jaar geschorst na een positieve plas op Modafinil, waardoor hij niet naar de Olympische Spelen van 2004 kon.

Alvin Harrison (1974-) de tweelingbroer van Calvin aanvaardde een schorsing van vier jaar, maar ook dat men al zijn resultaten vanaf 2001 zou schrappen. Nochtans testte hij niet positief, maar het USADA vond bewijzen dat hij via BALCO anabole steroïden, insuline, EPO, groeihormoon en Modafinil had gebruikt, wat hij ook prompt bekende. In 2008 moest de tweeling samen met hun maats van de 4 x 400m de Olympische gouden medaille inleveren, nadat Antonio Pettigrew (1967-2010) het gebruik van stimulerende middelen bekende. Alvin Harrison verhuisde in 2009 naar de Dominicaanse Republiek omdat zowel zijn vrouw als teammaat Félix Sánchez (1977-) van daar afkomstig waren. Hij liet zich naturaliseren en trad vanaf toen aan voor dat land.

In 2010 vond men het lijk van Antonio Pettigrew (1967-2010) op de achterbank van zijn auto, een overdosis pillen bleek de doodsoorzaak.

Chryste Gaines (1970-) was eveneens verwikkeld in de BALCO affaire. Op het Amerikaans kampioenschap eindigde ze vijfde op de 100m, maar na een positieve test op Modafinil kwam ze er met een waarschuwing vanaf. Het WADA ging daar helemaal niet mee akkoord en schorste haar twee jaar.

Na zijn Amerikaanse titel 110m horden werd Chris Phillips (1972-) op het gebruik van Modafinil betrapt. Omdat hij slechts een publieke waarschuwing kreeg, mocht hij naar het WK, waar hij vijfde eindigde in dat nummer.

Eric Thomas (1973-) moest zijn Amerikaanse titel van de 400m horden inleveren, ook hij had aan de Modafinil gezeten.

De Amerikaanse 400m horden loopster Sandra Glover (1968-) moest na een positieve Modafinil test het brons van het nationaal kampioenschap inleveren en kreeg hiervoor een publieke waarschuwing, maar geen schorsing.

De Amerikaanse 200m loopster Michelle Collins (1971-) leverde nooit een positieve test af, maar een arbitragepanel vond de bewijzen dat ze zich gedopeerd had met EPO, THG en een crème op basis van testosterone. Wat ze nadien ook bekende. Ze verloor haar wereldtitel 200m indoor en aanvaardde een schorsing van vier jaar in plaats van de gebruikelijke acht.

In oktober testte de Brit Dwain Chambers (1978-) positief op anabole steroïden, waarvoor hij twee jaar geschorst werd. Zijn overwinning op de 100m op het EK van 2002 in München werd geschrapt, net als het Europees record en de estafetteoverwinning. Ook werd hij levenslang verbannen van Olympische Spelen en Commonwealth Games.

Ook Chambers werd door de voormalige Oekraïner Remi Korchemny (1932-) getraind. In 2008 bekende Chambers aan de Britse anti-doping chef John Scott het gebruik van THG, epitestosterone cream, EPO, HGH, insuline lispro, modafinil en liothyronine. Korchemy van zijn kant pleitte voor de US District Court in 2006 schuldig voor de distributie van illegale prestatieverhogende medicijnen aan sporters tussen 2000 en 2003. Hij werd veroordeeld tot een jaar proeftijd en levenslang verbannen uit de USA Track & Field.

American Football

Dana Stubblefield (1970-) speelde als defensive tackle in de Amerikaanse National Football League. Samen met zijn teammaats Barrett Robbins (1973-), Tyrone Wheatley (1972-) en Chris Cooper (1977-) was hij bij BALCO afnemer van anabolica.

Atletiek

In december 2003 besliste de American Federation of Athletics dat Amerikaanse atleten die tijdens het WK in Parijs op doping werden betrapt, levenslang geschorst werden.

De Litouwse atlete Rasa Drazdauskaite (1981-) finishte tijdens het EK voor junioren als tweede op de 1.500m. De dopingcontrole nadien wees op het gebruik van Stanozolol, waarop ze het zilver moest inleveren en twee jaar geschorst werd.

De Zuidafrikaan Okkert Brits (1973-) behoorde in de jaren 1990 tot de wereldtop in het polsstokspringen. In januari 2003 testte hij echter positief op efedrine. Omdat het zijn eerste inbreuk was kreeg hij enkel een vermaning.

Tijdens de atletiekmeeting in het Franse Arles werd de Oekraïnse zevenkampster Ljudmyla Blonska (1977-) op het gebruik van Stanozolol betrapt, het leverde haar twee jaar schorsing op. Op de Olympische Spelen van 2008 in Beijing finishte ze als tweede in haar favoriete zevenkamp. Vier dagen na de hulde raakte echter bekend dat ze positief had getest op methyltestosteron, ze moest het zilver inleveren en werd huiswaarts gestuurd. Omdat het al haar tweede overtreding was kreeg ze een levenslange schorsing, net als haar man en trainer Serhij Blonskyj.

De Italiaanse kogelstootster en discuswerpster Cristiana Checchi (1977-) testte positief op anabole steroïden, waardoor ze haar nationale titel indoor verspeelde en zes maanden geschorst werd.

In Oostenrijk vlogen drie atleten tegen de lamp. Hordenloper Elmar Lichtenegger (1974-) (foto) en tienkamper Christian Schäflinger (1978-) hadden norandrosteron gebruikt, wat hen vijftien maanden schorsing opleverde. Kogelstoter Andreas Vlasny (1969-) moest naar de kant nadat men sporen van metandienon had gevonden.

Autosport

De NASCAR schorste de Amerikaanse autopiloot Shane Hmiel (1980-) zes maanden, omdat hij positief had getest op heroïne. In 2005 was het opnieuw bingo, dit keer op marihuana en cocaïne, waardoor hij levenslang naar de kant moest. Zoals dat de gewoonte is in de States, kreeg hij echter een ‘second chance’. In zijn geval zelfs een 'third chance', op voorwaarde dat hij zich aan een medisch en psychologisch programma onderwierp met regelmatige drugcontroles. In februari 2006 vond men echter opnieuw verboden producten in zijn bloed en urine en werd hij nu definitief levenslang geschorst. In oktober 2010 begaf zijn rolkooi het toen hij bij een crash in de Terre Haute Action Track over kop ging, waardoor hij verlamd raakte en in een rolstoel belandde.

Baseball

In 2001 tekende de Amerikaanse baseballspeler Josh Hamilton (1969-) een lucratief contract om voor een jaarwedde van 3,96 miljoen dollar bij de Tampa Bay Devil Rays aan de slag te gaan. Door kwetsuren, maar vooral door zijn druggebruik ging zijn sportieve carrière echter vliegensvlug bergaf. Bij aanvang van het seizoen 2003 kwam hij zes weken niet opdagen, later bekende hij dat hij in die periode alle mogelijke drugs had gebruikt. Hij kreeg vijfentwintig dagen spelverbod. Begin 2004 was het opnieuw prijs, dit keer moest hij dertig dagen naar de kant. Toen hij enkele weken later een derde keer werd gepakt ontsloeg de ploegleiding hem. Hij ging in behandeling en maakte een succesvolle comeback bij de Chicago Cubs. In 2008 werd hij opgeroepen voor het American League All-Star team en nam hij deel aan de Home Run Derby, waar hij het record van 28 home runs sloeg.

Bodybuilding

Tijdens zijn voorbereiding op de Night Of Champions lieten de nieren van Tom Prince (1969-) het plots afweten, het gevolg van de massale hoeveelheden pijnstillers en typische bodybuilding drugs die hij al jarenlang had geslikt. De Amerikaan overwon zijn kritieke toestand, maar kon niet volledig herstellen. Met dialysebehandelingen genazen zijn nieren gedeeltelijk, ze functioneerden nog op 90% van hun kunnen. Behoudens een transplantatie zag de Amerikaan de toekomst weinig rooskleurig maar realistisch tegemoet:

“Hoogstwaarschijnlijk zullen mijn nieren het vroegtijdig begeven, 85 jaar word ik nooit. Waarschijnlijk sterf ik jonger dan normaal, rond de 65, maar 65 is nog altijd beter dan 35.”

Boksen

De Amerikaanse professionele bokser Shane Mosley (1971-) veroverde drie wereldtitels. In juni 2000 versloeg hij na twaalf ronden in de kamp om de wereldtitel bij de weltergewichten landgenoot Oscar De La Hoya (1973-) door scheidsrechterlijke beslissing. In 2003 beschuldigde men hem ervan dat hij in die wedstrijd anabolica had gebruikt, die hij via BALCO verkregen had. In september 2003 stonden de twee kemphanen opnieuw tegenover elkaar en opnieuw haalde Mosley het na beslissing van de jury. Later bekende hij onder ede dat hij zich voor die wedstrijd had ingespoten met EPO.

Cricket

Daags voor de World Cup werd de Australische cricketspeler Shane Warne (1969-) huiswaarts gestuurd na een positieve test op diuretica. Bovendien kreeg hij een jaar schorsing.

Gewichtheffen

Op het WK voor junioren trok India zijn voltallige ploeg terug toen bleek dat 24 gewichtheffers bij een dopingcontrole positief hadden gereageerd.

Op het WK werden elf gewichtheffers uit tien verschillende landen op het gebruik van stimulerende middelen betrapt. Onder hen de Chinese Shang Shichun (1979-) die in de categorie tot 75kg drie wereldrecords verbeterde op weg naar het goud.

Regerend wereld- en Olympisch kampioen Galabin Boevski (1974-) werd acht jaar geschorst, nadat men voor de tweede keer verboden producten aantrof in zijn urine. Op 27 oktober arresteerde men de Bulgaar in Brazilië toen hij negen kilo cocaïne aan boord van een vliegtuig trachtte te smokkelen.

IJshockey

Nadat hij besmette voedingssupplementen had gekocht tijdens zijn vakantie in Florida, testte de Zweedse ijshockeyspeler Patrik Nilsson (1984-) positief op Nandrolone

Kano

Op het WK in het Amerikaanse Gainesville won de Russische kanovaarder Sergey Ulegin (1977-) goud in de C-4 200m en C-4 500m en zilver in de C-2 500m. De controle nadien bracht echter doping aan het licht. Hij moest de medailles inleveren en werd twee jaar geschorst waardoor hij de Olympische Spelen van 2004 in Athene en het WK van 2005 in Zagreb aan zich voorbij zag gaan.

De Poolse kanospecialist Michal Gajownik (1981-2009) kreeg twee jaar schorsing nadat men bij een dopingcontrole nadrolon had gevonden, waardoor hij de Olympische Spelen van 2004 in Athene miste. In 2009 stierf hij een tragische dood bij een auto ongeval.

Zijn landgenoot Marcin Kobierski (1977-) zat ook aan de nandralon en ook hij zag Athene aan zijn neus voorbijgaan. De twee jaar schorsing betekenden het einde van zijn sportieve loopbaan.

Paardensport

De Britse jockey Franny Norton (1970-) kreeg na een positieve cocaïnetest vier maanden schorsing. In 2011 werd hij 40 dagen geschorst, dit keer omwille van een te hoog promille alcohol voor de start van een race.

Rugby

De in Zuid-Afrika geboren Fransman Pieter de Villiers (1972-) vertegenwoordigde zijn nationale rugbyploeg op twee WK's. Tijdens het Zeslandentornooi werd hij op het gebruik van cocaïne en xtc betrapt.

Skiën

De Finse crosscountry skister Kaisa Varis (1975-) kreeg twee jaar schorsing na een positieve EPO test op het WK in het Italiaanse Val di Fiemme. De Finse estafetteploeg moest het zilver inleveren en verloor door dit dopingschandaal driehonderdduizend Euro sponsorgeld. In 2007 keerde Varis terug als biatlete maar een jaartje later werd ze levenslang geschorst na een nieuwe positieve test. Wegens procedurefouten werd die schorsing door de Court of Arbitration for Sport ongedaan gemaakt.

Snowboarden

De Amerikaanse snowboardster Tara Zwink (1973-) werd twee jaar geschorst omdat ze tijdens de U.S. Snowboard Grand Prix in Breckenridge positief testte op marihuana.

Tennis

De Argentijnse tennisprof Mariano Ruben Puerta (1978-) kreeg twee jaar schorsing nadat hij positief reageerde op Clenbuterol tijdens een dopingtest in Viña del Ma. Omdat hij kon bewijzen dat hij astmapatiënt was, werd die straf in beroep tot negen maanden herleid plus een boete van 5.600 USD. Na de verloren finale tegen Rafael Nadal (1986-) op de French Open van 2005 testte hij positief op etilefrine. In totaal kreeg hij acht jaar schorsing en moest hij de Roland Garros prijzenpot van zo’n 443.000 Euro inleveren. In 2006 werd zijn schorsing naar twee jaar herleid.

Turnen

Op het WK turnen van 2002 eindigde Gervasio Deferr Angel (1980-) in het Hongaarse Debrecen tweede in de grondoefening, maar later werd de Spanjaard gediskwalificeerd omwille van sporen van marihuana in zijn urine. Samen met de Amerikanen Sean Townsend (1979-), Jason Gatson (1980-) en Brett McClure (1981-) testte hij later dat jaar opnieuw positief op marihuana tijdens het tornooi van Parijs. Omdat marihuana in Frankrijk nog niet op de lijst van verboden middelen stond, kwamen de vier er met een vermaning vanaf.

Voetbal

De UEFA kondigde aan dat ze het aantal dopingcontroles met 21% zou verhogen, inclusief in het vrouwenvoetbal en bij de -19-jarigen.

Naar aanleiding van het overlijden van de Italiaanse oud-speler Gianluca Signorini (1960-2002), die in november 2002 zeer jong aan de gevolgen van amyotrofe laterale sclerose (ALS) gestorven was, publiceerde het Franse dagblad 'Le Monde' een onthutsend artikel in januari 2003.

Daarin werd benadrukt dat de dood van Signorini sterke gelijkenissen vertoonde met het overlijden van de Italiaanse oud-spelers Guido Vincenzi (1932-1997), Giorgio Rognoni (1946-1986) en Bruno Beatrice (1948-1987), die alle drie zeer jong aan ziektes overleden waren.

Ook werd verwezen naar het onderzoek van onderzoeksrechter Raffaele Guariniello (1941-), die zich in het dossier van Andrea Fortunato (1971-1995) had vastgebeten. De speler van Juventus Torino stierf op 24-jarige leeftijd aan lymfeklierkanker. Guariniello riep de hulp in van de firma Panini, die over een database van 24.000 bekende spelers beschikte met foto's en levensloop. Na vier jaar lang de verhalen van heel wat oud-voetballers en weduwen van oud-spelers aanhoord te hebben, kwamen de verboden praktijken in het Italiaanse voetbal bovendrijven. Guariniello concludeerde dat zeventig van de vierhonderd sterfgevallen uit de jaren '60 zeer verdacht overkwamen en volgens hem kon men in 47 gevallen van onopzettelijke doodslag spreken. Vergeleken met de gemiddelde populatie lag de kankerincidentie bij de 24 000 spelers van het onderzoek tweemaal hoger. Hij noteerde dertien gevallen van darmkanker, negen ven leverkanker en tien van pancreaskanker. Hij ontdekte ook 45 gevallen van ALS, waarvan er al dertien gestorven waren. Het gevolg van dit onderzoek was dat een sterk groeiend aantal atleten een behandeling met inspuitingen weigerde.

De Britten Tony Cascarino (1962-) en Chris Waddle (1960-), van 1994 tot 1996 smaakmakers bij het Franse Olympique de Marseille, brachten uit dat ze in die periode regelmatig onbekende producten kregen ingespoten. Grote baas Bernard Tapie (1943-) ontkende in alle toonaarden.

Na de South American Libertadores Cup werden veldspeler Jorge Valdez (1972-) en goalie Derlis Gomez (1972-) van Paraguay betrapt op het gebruik van cocaïne. Hun club stelde dat ze cocatea hadden gedronken, in Zuid Amerika een normaal recept om hoogteziekte te voorkomen. De wedstrijd werd immers in de Equadoriaanse hoofdstad Quito gepeeld die 2.850 meter boven de zeespiegel ligt. Het excuus mocht niet baten, beiden werden zes maanden geschorst.

De Engelse voetballer Rio Gavin Ferdinand (1978-), centraal verdediger bij Manchester United en 81 caps voor zijn nationale ploeg, werd acht maanden uit competitie gezet met een boete van vijftigduizend Pond omdat hij niet kwam opdagen voor een dopingcontrole. In september 2003 stonden eensklaps controleurs voor een onaangekondigde controle voor de deur bij Manchester. De vier 'uitverkorenen' mochten nog even gaan douchen, maar Ferdinand daagde niet meer op met het excuus dat hij dringend boodschappen moest doen.

De Spanjaard Carlos Gurpegui (1980-), verdediger bij Athletic Bilbao, werd in november wegens het gebruik van nadrolone twee jaar geschorst. Onafhankelijke onderzoeken aan de Universiteit van Extremadura en het Pasteur Instituut van Straatsburg toonden echter aan dat zijn eigen lichaam die stof bleef aanmaken. Hij ging dan ook in beroep tegen die schorsing, maar werd ook daar teruggefloten.

De Chinese voetballer Zhang Shuai (1981-) speelde rechtsback bij Beijing Guoan, toen hij werd betrapt op het gebruik van efedrine bij een test buiten competitie. Hij kreeg drie maanden schorsing en was daarmee de eerste Chinese voetballer die gepakt werd.

De Duitser Alexander Walke (1983-) verdedigde het doel van de Oostenrijkse eersteklasser FC Red Bull Salzburg. Op het WK voor junioren in de Arabische Emiraten leverde hij een positief plasje af op carboxy-THC, een derivaat van cannabis.

De Italiaanse voetballer Manuele Blasi (1980-) speelde op het middenveld bij Parma toen hij betrapt werd op het gebruik van nandrolone, wat hem zes maanden schorsing opleverde.

Wielrennen

Na een razzia van de Guardia di Finanza i Salò werden begin juni twee sportbestuurders onder huisarrest geplaatst in Brescia. Olivano Locatelli (1956-) van Colnago-Landbouwkrediet en William Dazzani (1966-) van het vrouwenteam Aurora 2000 RSM werden ervan beschuldigd om samen met 22 andere personen doping te hebben verstrekt aan renners. Het aftappen van hun telefoon zorgde voor het nodige bewijsmateriaal en huiszoekingen nadien leverden een indrukwekkend arsenaal verboden middelen op.

In oktober 2003 publiceerde de Franse baanrenner Philippe Boyer (1956-) de autobiografie 'Champion, flic et voyou', waarin hij zijn dopinggebruik uit de doeken deed. In 1982 bezocht hij de arts die hem zijn eerste anabolica voorschreef, waardoor zijn sportieve prestaties plots fenomenaal verbeterden. Hij kon meer en intensiever trainen, dankzij de toenemende dosis anabolica die hij zichzelf toediende bleven vermoeidheid en uitputting uit. Door het dopinggebruik tijdig te stoppen voor belangrijke wedstrijden of door het gebruik van moeilijk opspoorbare producten was de kans op positief testen quasi nihil. Op die manier werd hij Frans baankampioen op de kilometer tijdrit. De enige raad die hij  van zijn 'medische' begeleiders meekreeg was om best niet te overdrijven. Een arts uit de familie schreef hem de producten voor omdat die van oordeel was dat stimulerende middelen nu eenmaal tot de topsport behoren. Toppunt was dat Boyer inmiddels politieagent was geworden en dat de verzekering van zijn werkgever de producten probleemloos terugbetaalde, zonder ook maar de minste vragen te stellen. Toen de Oostbloklanden hun boycot voor de Olympische Spelen van 1984 in Los Angeles aankondigden, zag Boyer zijn kans schoon om het podium te halen. De stoppen sloegen door, hij breidde zijn arsenaal geneesmiddelen uit met corticoïden en bezocht in Bordeaux de beruchte sportarts François Bellocq (1956-). Maar overdoseringen veroorzaakten een volledige blokkage tijdens de Franse titelstrijd en Boyer werd slechts als reserve voor de Olympiade aangeduid. Daarna legde hij zijn lot in handen van de Franse sportdirekteur Bruno Roussel (1956-) en van de Franse arts Gérard Ochart, die de recepten van de Italiaanse Professor Francesco Conconi (1935-) gebruikte. Niet alleen zijn trainingsschema werd aangepast, Boyer kreeg ook een andere medicamenteuze ondersteuning. Hij maakte enome vooruitgang en werd in 1985 vice wereldkampioen in Rome. Cyrille Guimard (1947-) nam hem op in zijn ploeg, waar hij de trouwe luitenant werd van Laurent Fignon (1960-2010). In 1989 kwam echter een abrupt einde aan zijn sportcarrière toen hij hepatitis B kreeg. Hij riep zichzelf uit tot begeleider van renners, maar werd gearresteerd toen de politie bij een huiszoeking amfetamines vond. Iets later vloog hij bij een grenscontrole in Arras opnieuw tegen de lamp toen amfetamines werden aangetroffen in zijn auto.

Tijdens een TV documentaire bekende de Deense renner Brian Dalgaard Jensen (1972-) dat hij tijdens zijn sportcarrière EPO had gebruikt. Het jaar nadien kreeg hij de ‘antidoping prijs' als beloning voor zijn eerlijkheid.

De Belg Mario De Clercq (1966-) werd in het veldrijden driemaal wereldkampioen en twee keer nationaal kampioen. Naar aanleiding van de dopingaffaire rond Johan Museeuw (1965-) werden bij een huiszoeking in 2003 groeihormonen en Aranesp gevonden. In januari 2006 verwees men hem door naar de correctionele rechtbank en in december 2008 veroordeelde een Kortrijkse rechtbank hem tot tien maanden voorwaardelijk en vijftienduizend Euro boete. Telkens journalisten hem ondervroegen over zijn boekje met aantekeningen over dat dopinggebruik, antwoordde De Clercq hen dat die notities bestemd waren voor het boek dat hij ging schrijven. De Belgische Wielerbond schorste hem vier jaar, waarvan de helft voorwaardelijk.

De Spaanse wielrenner Igor González de Galdeano (1973-) werd voor het gebruik van nandrolone zes maanden geschorst, iets wat hem in 2000 ook al eens overkomen was.

Net voor aanvang van het WK werd bij de Canadese Geneviève Jeanson (1981-) een te hoog hematocrietgehalte gevonden. Het excuus dat de voorbereiding in een lage-druk-kamer de oorzaak was, belette niet dat ze niet mocht starten. Het jaar nadien weigerde ze een dopingcontrole na de Waalse Pijl en in 2005 ontdekte men opnieuw een te hoge hematocrietwaarde tijdens de Tour de Toona, waarop ze levenslang werd geschorst. In de Verenigde Staten herleidde men die straf tot twee jaar, in Canada bleef het echter levenslang. Omdat ze nauw met justitie samenwerkte werd haar straf in april 2009 tot tien jaar herleid, maar zowel haar trainer Andre Aubut (1956-) als sportarts Maurice Duquette werden levenslang uit de sport verbannen. Jeanson verklaarde dat ze vanaf haar zestiende EPO had gekregen.

Sportarts en orthopedisch chirurg Duquette kwam nadien met nog zeventien andere dopinggevallen negatief in het nieuws, waarvoor hij levenslang geschorst werd en 25.000 Dollar moest ophoesten

Scott Moninger (1966-) won liefst 275 wedstrijden tijdens zijn carrière, waarmee hij Amerikaans recordhouder is qua overwinningen. Na de Saturn Cycling Classic werd hij echter op het gebruik van 19-norandrosterone betrapt, de voorganger van nandrolone waarvoor hij een jaar schorsing kreeg.

Nadat een controle het gebruik van 19-norandrosterone aantoonde, werd de Amerikaanse renster Amber Neben (1975-) zes maanden geschorst.

In 2003 werd het huis van de Belgische wielrenner Chris Peers (1970-) doorzocht in het kader van een onderzoek naar hormonen en stimulantia, waarin dierenarts Jose Landuyt (1949-) en de renners Johan Museeuw (1965-), Jo Planckaert (1970-) en Mario De Clercq (1966-) verweven waren. De Belgische Wielerbond schorste Peers twee jaar, waartegen hij zelfs niet in beroep ging. Later werd hij sportdirecteur bij Jartazi.

In 2003 werd de Australische renner Mark Roland (1978-) tweemaal op het bezit van groeihormonen betrapt en het jaar nadien nog eens. Hoewel hij nooit positief testte schorste de Australische Sports Anti-Doping Authority (ASADA) hem twee jaar. Niet voldoende oordeelde het World Anti-Doping Agency (WADA), dat er nog zes jaar aan toevoegde.

Na zijn dopingperikelen uit de Tour de France van 2002 had de Litouwer Raimondas Rumšas (1972-) zijn lesje blijkbaar nog niet geleerd. In de Giro d’Italia van 2003 werd hij opnieuw op het gebruik van EPO betrapt.

In augustus 2003 testte de Amerikaanse kampioen tijdrijden Adham Sbeih (1973-) positief op EPO, waarvoor hij twee jaar geschorst werd.

In 2003 startte de dopingaffaire Oil for Drugs rond Carlo Santuccione (1947-) en zijn medeplichtigen. De Italiaanse sportarts, met de veel zeggende bijnaam 'Ali the Priceline Chemist', werd beschuldigd van het toedienen van verboden dopingproducten en van zijn betrokkenheid in het Italiaanse dopingnetwerk. Oorzaak van het onderzoek was de verdachte dood van een amateur.

De Italiaanse Anti-Narcotic Group (NAS) tapte zijn telefoon af en installeerde een verborgen camera in zijn praktijk. In maart 2004 adviseerde Santuccione profrenner Danilo Di Luca (1976-) (foto) via telefoon om zich voor de start van Milaan-San Remo met EPO te laten inspuiten. Waarop Di Luca antwoordde dat hij die avond met teammaat Alessandro Spezialetti (1975-) zou langskomen. Op videobeelden was duidelijk te zien hoe Santuccione twee spuiten met EPO vulde, waarop hij zijn kantoor verliet naar de plek waar Di Luca en Spezialetti op hem zaten te wachten. Danilo Di Luca kreeg drie maanden schorsing voor zijn aandeel, de arts werd levenslang geschorst. In 2007 schorste het Italiaans Comité Santuccione een tweede keer levenslang.

De Italiaanse renner Matteo Gigli (1978-) kreeg drie jaar schorsing nadat een test uitwees dat hij EPO had gebruikt.

De Spaanse renner Francisco Pérez Sánchez (1978-) won twee ritten in de Ronde van Romandië, maar werd uit de uitslag geschrapt toen men EPO vond in zijn urine. Hij kreeg ook achttien maanden schorsing aan zijn been en een boete van 2.000 Zwitserse Frank.    

Zwemmen

De Syrische zwemmer Mahmoud Jadaan (1971-) en de Iraanse waterpolospeler Reza Ojagh testten positief op Metenolone en Nandrolone en werden vier jaar geschorst.

De Nederlandse zwemster Linda van Herk (1989-) kreeg twee jaar aangesmeerd voor het weigeren van een dopingtest. De ‘affaire van Herck’ startte tijdens de kwalificatiewedstrijden van de Nederlandse kampioenschappen in Amersfoort. Na afloop moest ze van de dopingcontroleurs een plasje afleveren, maar op aandringen van haar vader onderbrak ze de procedure en ging ze naar huis. De door de FINA opgelegde schorsing werd nadien gehalveerd.

De Chinese zwemmer Li Ning kreeg twee jaar schorsing nadat men sporen van testosteron had gevonden, zijn trainer Liu Guangtan werd levenslang verbannen

Zwemster Claudia Poll (1972-) uit Costa Rica werd vier jaar geschorst, na een positieve test buiten competitie op Nandrolone. In beroep werd die straf gehalveerd.

De Braziliaanse zwemster Laura Azevedo (1983-) werd betrapt op het gebruik van anabolica. In 2005 kreeg ze levenslang omdat ze het jaar voordien een dopingcontrole geweigerd had.

De Australische rugslag zwemmer Andrew Burns (1983-) werd drie maanden geschorst na een positieve test op xtc. Hij moest ook de achthonderd Australische Dollar terugstorten die hij tijdens de Sydney Grand Prix gewonnen had, evenals een beurs van duizend Australische Dollar.

De Wit Russische zwemster Aleksandra Gerasimenya (1985-) kreeg twee jaar schorsing na een positieve plas op norandrosterone. Ondanks die straf kwam ze later terug en won ze goud op zowel het EK als het WK en op de Olympische Spelen van 2012 in Londen was ze goed voor het zilver op de 50 en 100m vrije slag.

De Oekraïnse schoolslagspecialiste Yuliya Pidlisna (1987-) werd na het EK voor junioren twee jaar geschorst toen de dopingcontrole het gebruik van Stanozolol openbaarde


rdsm