Doping in de sport - 1986

1986

De Amerikaanse National Collegiate Athletic Association (NCAA) startte pas in 1986 met dopingcontroles.

De Amerikaanse Food and Drug Administration beperkte het medisch gebruik van anabolica en nam er zelfs enkele van de markt, zoals Dianobol.

De Medische Commissie van het IOC nam diuretica op in zijn lijst van verboden middelen.

In 1986 werden alle urinestalen van de Olympische Spelen van 1980 in Moskou opnieuw getest in het dopinglabo van Keulen. Daaruit bleek dat in 7,5% van de stalen van vrouwelijke sporters een verhoogde Testosteron/Epitestosteron verhouding gevonden werd, wat op dopinggebruik wees.

Doping in de DDR

Een van de bekendste dopinggevallen was dat van Heidi Krieger (1966-). Vanaf haar dertiende moest de Oost Duitse kogelstootster tweemaal daags keihard trainen, toen ze zestien werd verplichtte men haar om kleine blauwe pillen te slikken. Niet alleen verhoogde het gewicht dat ze dagelijks moest tillen, ook het aantal pillen nam toe en op de koop toe kreeg ze inspuitingen. In 1986 stootte ze zich op het EK in Stuttgart met 21m10 naar goud, ze was net 21 geworden. Door pijn verlamd moest ze kort nadien aan rug, knieën en heupen geopereerd worden. Daardoor had ze wel geen pijn meer, maar haar sterk ontwikkelde spieren leken vanaf toen niet meer de hare. Ze voelde zich ook niet meer thuis in haar eigen lichaam, weigerde nog vrouwenkleren te dragen en schaamde er zich zelfs voor om naar het vrouwentoilet te gaan. Ze werd agressief en depressief en had het gevoel dat ze een man was. De reden daarvan werd pas na de val van de Berlijnse Muur ontdekt. 'Hormonen Heidi' zoals haar coaches haar noemden, was volgepropt met enorm hoge dosissen testosteron, twee en een half keer de hoeveelheid die de Oost-Duitse sportwetenschappers in hun geheime handleidingen hadden aanbevolen. Krieger, die omwille van levercomplicaties in 1990 op non actief werd gesteld, verklaarde later:

“De gevaren en de beschadigingen konden hen niet schelen, wij waren gewoon de cavia's voor hun verschillende experimenten, die uitgevoerd werden om het prestige van de politieke klasse en het communistische systeem op te vijzelen. Het is ongelofelijk dat ze bereid waren om voor dat doel op die manier heel wat jonge kwetsbare mensen op te offeren.”

Op het einde van haar sportloopbaan kreeg ze dagelijkse 30 mg anabole steroïden, een pak meer dan de Canadese sprinter Ben Johnson (1961-) op het hoogtepunt van zijn drug-programma.

In 1997 onderging Krieger een volledige geslachtsverandering.

"Ik had geen sympathie meer voor mijn eigen lichaam,” verklaarde zij/hij die keuze, “het was immers onherkenbaar veranderd. Het was net alsof ze Heidi hadden gedood, Andreas worden was dan ook de volgende logische stap."

Op 2 mei 2000 werden Manfred Hoppner (1934-) en Manfred Ewald (1926-2002), de meesterbreinen achter het doping-programma van de DDR, voor een Berlijnse rechtbank gedagvaard voor het toebrengen van lichamelijke letsels. Voorafgaande onderzoeken toonden aan dat ex-atleten een scala aan medische complicaties vertoonden, van kanker tot psychologische trauma's en van leverbeschadiging tot zwangerschapsproblemen. Meer dan 140 voormalige Oost-Duitse atleten daagden op als getuige, in de hoop om eindelijk een van de meest sinistere sportepisodes te kunnen afsluiten.

Voor Krieger kreeg het proces ook een andere wending aan zijn leven. Aan de andere kant van de publieke tribune zat het voormalige zwemtalent Ute Krause (1966-), die door de DDR doping eveneens gebroken was en die in 1983 zelfs een zelfmoordpoging ondernomen had. Toen hun blikken elkaar kruisten veranderde de wereld voor beiden.

"Ik zag Andreas in de rechtbank en het was wow," vertelde Krause, “ik wist meteen dat hij de man was waarmee ik de rest van mijn leven wilde doorbrengen."

Na het proces ging Krieger in Berlijn samenwonen met Krause en haar dochter Katja uit een eerdere relatie. Een tijdje later trouwden ze.

American Football

In een artikel uit 1986 in Sports Illustrated gaf Howie Long (1960-), verdediger bij de Los Angeles Raider, een schatting over het steroïdengebruik in de NFL:

"Minstens 50% bij de grote jongens, 75% in de aanvalslinies, 40% in de verdedigingslinies en 35% bij de linebackers."

In datzelfde artikel verklaarde Johnie Cooks (1958-), linebacker bij de Indianapolis Colts:

“Anabole steroïden zijn het grootste probleem in de NFL”.

Cooks kon na zijn carrière amper nog gaan en dat met ontzettend veel pijn. Twee verschillende artsen verklaarden hem invalide, wat door de Amerikaanse regering erkend werd en waarvoor hij een vergoeding trok.

Steve Courson (1955-2005), die van 1977 tot 1985 voor de Pittsburgh Steelers en de Tampa Bay Buccaneers speelde, verklaarde dat 75% van de linesmen in de NFL op steroïden stond en minstens 95% het geprobeerd had.

De komst van Lou Holtz (1937-) betekende ook de start van het anabolicagebruik bij Notre Dame Indiana, het hele football team werd met producten overspoeld. Vreemd genoeg werd diezelfde Holtz een gevierd football analyst op de Amerikaanse TV.

Atletiek

In januari 1986 publliceerde het Duitse dagblad 'Frankfurter Allgemeine Zeitung' het artikel 'Die Bekenntnisse des Kugelstoßers Gerd Steines', waarin de gewezen Duitse kogelstoter en discuswerper Gerhard Steines (1947-) zijn dopingperikelen heel uitvoerig uit de doeken deed en er zich niet voor schroomde om man en paard te noemen. Hij gebruikte anabolica sedert 1970, maar had scherpe kritiek op sportfunctionarissen en sportinstanties die officieel verklaarden dat ze het gebruik scherp veroordeelden, maar er eigenlijk weinig of niets aan deden om de producten op te sporen, laat staan het gebruik ervan te bestraffen.

"In de zomer van 1970 nam ik voor het eerst anabolica, drie weken lang dagelijks tien milligram Dianabol. Die dosis werd later opgedreven naar twintig milligram daags gedurende drie à vier weken. Vervolgens vier weken niets, om dan de 'kuur' te hernemen. Ik stopte ook bij aangekondigde dopingcontroles, omdat oraal genomen anabolica na acht dagen niet meer op te sporen zijn, maar wel nog enkele dagen actief blijven. Later steeg de dosis naar dertig milligram daags, met enkele maanden rust in de lente en de herfst omdat ze in die opbouwperioden niet nodig waren. De producten bekomen was geen probleem, in Heidelberg kreeg ik ze gratis van artsen, tandartsen en studenten. Op die manier stootte ik voorbij twintig meter."

Baseball

Lonnie Smith (1955-), een voormalig Major League Baseball outfielder, maakte zijn debuut voor de Philadelphia Phillies en speelde later voor de St. Louis Cardinals, Kansas City Royals, Atlanta Braves, Pittsburgh Pirates en Baltimore Orioles. Hij overwon zijn drugsmisbruik en groeide uit tot een van de topspelers van de jaren 1980. In totaal won hij drie World Series.

Op 28 februari 1986 bevestigde commissaris Peter Ueberroth (1967-) de schorsing van elf baseball spelers, zeven van hen kregen een volledig seizoen aan hun broek. De spelers mochten hun schorsing afkopen door 10% van hun salaris aan een drugprogramma te schenken en een taakstraf van 100 uur uit te voeren. Reden van de schorsing was een positieve test op cocaïne, marihuana, morfine of heroïne.

Enos Cabell (1949-), eerste en derde honkman in de Major League Baseball, speelde vijftien seizoenen voor de Baltimore Orioles, de Houston Astros, de San Francisco Giants, de Detroit Tigers en de Los Angeles Dodgers. Op 28 februari 1986 werd Cabell samen met zes anderen voor het hele seizoen geschorst nadat hij tijdens de Pittsburgh drug trials zijn cocaïne misbruik hadden toegegeven.

Lary Sörensen (1955-), die in de Major League Baseball als pitcher uitkwam voor de Milwaukee Brewers, St. Louis Cardinals, Cleveland Indians, Oakland Athletics, Chicago Cubs, Montreal Expos en San Francisco Giants, werd op 28 februari 1986 geschorst wegens het snuiven van cocaïne. Ook na zijn spelerscarrière duurde dat misbruik voort maar werd hij ook meerdere keren dronken achter het stuur betrapt. De zesde overtreding kostte hem een gevangenisstraf van meerdere jaren. Op 16 oktober 1999 werd hij aangehouden met 0,35 promille in het bloed. Een maand later werd hij opnieuw gearresteerd met 0,24 promille. Op 2 februari 2008 vond een politieman hem bewusteloos achter het stuur, nadat hij met zijn auto in een gracht was beland. Toen had hij een promille van 0,48 en een alcoholvergiftiging. Een deskundige verklaarde dat de helft van de bevolking zulk hoge BAC nooit zou overleven. Na zijn sportcarrière werkte hij als TV-reporter voor baseball wedstrijden en was hij gastheer van meerdere radioprogramma's. Na het uitzitten van een gevangenisstraf, werkte Sörensen drie maanden in de McDonald's van Roseville, Michigan. Hij was 24 jaar getrouwd, maar zijn alcohol- en drugverslaving leidde tot een echtscheiding.

Al Holland (1952-) was van 1980 tot 1986 pitcher bij de Philadelphia Phillies in de American Major League Baseball. In 1986 werd hij zestig dagen geschorst nadat hij het gebruik van cocaïne toegaf. Die straf werd later omgezet naar een anti-drug donatie en gemeenschapsdienst.

Bodybuilding

Tijdens het wereldkampioenschap bodybuilding in Tokio werd voor het eerst op doping gecontroleerd, 13 bodybuilders uit alle vijf categorieën testten positief.

Boksen

Op het World Amateur Boxing Championships van 1986 in Reno won Luis Román Rolón (1968-) de zilveren medaille bij de bantamgewichten. Later werd hij gediskwalificeerd na een positieve dopingtest.

Cricket

In 1986 werd de legendarische Engelse cricketspeler Ian Botham (1955-) twee maanden geschorst voor het roken van cannabis.

Gewichtheffen

De Canadese gewichtheffers Jacques Demers (1960-), zilver bij de middelgewichten op de Olympische Spelen van 1984, Glenn Dodds (1962-) en Matio Parente (1964-2006) werden wegens doping levenslang geschorst. Demers en Parente waren eerder al aangeklaagd omdat ze via de Mirabel Airport van Montreal steroïden importeerden.

De aankondiging kwam van de Canadese Minister van Sport Otto Jelinek (1940-) (foto) en ook discuswerper Rob Gray (1956-) en de kogelstoters Mike Spiritoso (1963-) en Peter Dajia (1964-) kregen een levenslange schorsing.

IJshockey

De Zweedse ijshockeyspeler Börje Salming (1951-) speelde voor de Detroit Red Wings in de Amerikaanse NHL. Nadat hij in een interview met een krant bekende dat hij cocaïne gebruikte moest 'The King' acht wedstrijden aan de kant blijven.

Skiën

De Duitse biathleten Peter Angerer (1959-) en Franz Wudy (1969-) werden tijdens het WK in Oslo betrapt op het gebruik van testosteron, waarop ze hun gouden medailles moesten inleveren.

Voetbal

Het voetbalveld van de Boliviaanse club Olligio lag amper veertig meter verwijderd van de grens met Venezuela. Steeds opnieuw vloog de bal tijdens wedstrijden of trainingen over de grens, tot de politie ontdekte dat op die manier cocaïne gesmokkeld werd. Doelverdediger Hector Munoz leidde de drugsbende.

Wielrennen

In november 1986 vond de Franse drugbrigade bij een razzia tijdens de zesdaagse van Bercy een grote hoeveelheid amfetamines en metamfetamines. Twee jaar later werden negentien renners hiervoor aangeklaagd en liefst veertig artsen en apotekers. De Franse renner Eric Ramelet (1955-) werd tot achttien maanden cel veroordeeld, waarvan zestien voorwaardelijk, de zwaarst beschuldigde arts kreeg een boete van honderdvijftigduizend Franse Frank (= 22.500 Euro) en zes maanden beroepsverbod.


rdsm