Geschiedenis van de Sportgeneeskunde - 1902

1902

In Berlijn ontwikkelden de Duitse fysiologen Carl von Voigt (1831-1908) en Nathan Zuntz (1847-1920) een eigen fietsergometer.

Om de gasuitwisseling te meten lieten ze hun proefpersonen in een luchtdichte respiratiekamer oefenen op deze fiets.

1902

Ook stoombaden kwamen in trek, waarbij het ganse lichaam of een deel ervan in een met waterdamp verzadigde omgeving werd gedompeld.  

1902

De Duitse internist Friedrich Kraus (1858–1936) startte een sportmedisch onderzoekscentrum in de Berlijnse II. Medizinischen Klinik der Charité. Hij eiste daarvoor de modernste diagnostische apparaten zoals een RX-toestel en ECG-toestel, maar installeerde ook een heel modern laboratorium.

1902

In het bulletin 'Experiments on the metabolism of matter and energy in the human body' van de Amerikaanse fysiologen Wilbur Olin Atwater (1837-1902) en Francis Gano Benedict (1870-1957) werd bovenstaande foto van de open-circuit respiratiekamer afgedrukt. Zorgvuldig geconditioneerde kamerlucht werd in de ruimte getrokken en vervolgens via zoutzuurvaten geëvacueerd. De kamer was goed geïsoleerd en werd door circulerend water op een constante temperatuur gehouden.

1902

Begin 1900 ontwikkelde men in Duitsland massagetechnieken die bekend werden als 'reflexmassage'. Het was de eerste keer dat de voordelen van massagetechnieken aan reflexacties werden toegeschreven. In 1902 publiceerde de Weense arts Alfons Cornelius (1865-1933) het manuscript ‘Druckpunkte, Ihre Entstehung, Bedeutung Bei Neuralgien‘, waarin hij opmerkte dat het toepassen van druk tot veranderingen in het lichaam leidt. Zo observeerde hij dat druk op bepaalde plaatsen spiercontracties veroorzaakte, veranderingen in bloeddruk, variatie in warmte en vocht in het lichaam en rechtstreeks de 'psychische processen' of mentale toestand van de patiënten beïnvloedt. Cornelius zette zijn theorie over de werking van druk uiteen:

"Het is puur een mechanisch belemmeren van de gevoelige neuronen, de neuronen van het sympathische zenuwstelsel."

1902

In 1902 publiceerde de Amerikaanse arts Douglas Graham (1848-1928) ‘A treatise on massage, theoretical and practical : its history, mode of application and effects, indications and contra-indications, with results in over fifteen hundred cases’

"Perfect gemasseerd voelt men zich volledig geregenereerd, een gevoel van extreem comfort doordringt het hele systeem, de borstkas zet uit en we ademen met plezier; het bloed circuleert met gemak, en we hebben het gevoel dat we bevrijd zijn van een enorme last; we ervaren een tot dan toe onbekende soepelheid en lichtheid. Het lijkt wel alsof we voor de eerste keer echt hebben geleefd. Er is een levendig gevoel van bestaan dat uitstraalt naar de ledematen van het lichaam, terwijl het geheel wordt overgegeven aan de heerlijkste sensaties; de geest neemt hiervan kennis en geniet van de meest aangename gedachten; de verbeeldingskracht dwaalt over het universum dat het siert, ziet overal lachende beelden, overal het beeld van geluk. Als het leven slechts een opeenvolging van ideeën zou zijn, zou de snelheid waarmee het geheugen terugkeert, de kracht waarmee de geest over de uitgebreide keten van hen loopt, iemand doen geloven dat in de twee uur van heerlijke kalmte die vele jaren volgen geslaagd zijn."

1902

De Amerikaanse arts Theodore Hough (1865-1924) liet proefpersonen oefenen op een ergometerfiets in het Massachusetts Institue of Technology (MIT). De proefpersonen klaagden over spierpijnen die Hough toeschreef aan vermengde afvalproducten en gescheurde weefsels, waarmee hij als eerste de 'spierkater' omschreef. In vroegere studies concludeerde Hough dat zenuwcellen vlugger vermoeid zijn dan spiercellen. In 1907 werd hij aan de University of Virginia School of Medicine tot voorzitter benoemd van het departement Fysiologie.


rdsm