Geschiedenis van de Sportgeneeskunde - 1966

Samenstelling van de eerste Belgische Antidopingcommissie

Op bevel van de International Association of Athletics Federations IAAF werden vrouwelijke atleten voor aanvang van belangrijke toernooien onderworpen aan een geslachtstest. Eerst door middel van een vernederende naaktparade langs een team van gynaecologen, later paste het IOC en het IAAF de Barr bodytest toe. Deze labotest op basis van cellen uit het wangslijmvlies tonen aan of iemand ja dan nee twee X-chromosomen heeft.

De test was echter onbetrouwbaar, zo doorstond de Spaanse hordeloopster Maria Patino (1961-) de test tijdens het WK van 1983, maar werd ze twee jaar later met diezelfde test afgekeurd tijdens de Universiade in het Japanse Kobe. In 1992 stopte de IAAF met de geslachtskeuring, wie officieel als vrouw leefde mocht meedoen bij de vrouwen.

Maar daarmee was de kous niet af. Omwille van haar gespierde lichaamsbouw werd de Zuid-Afrikaanse wereldkampioene van de 800m Caster Semenya (1991-) in augustus 2009 getest. Naar aanleiding hiervan maakte de IAAF nieuwe regels bekend die vanaf mei 2011 in werking traden. Een atlete met hoge testosteronwaarden moest eerst en vooral vrouw zijn bij wet, of minder testosteron aanmaken dan mannen. 

De Amerikaanse cardioloog Robert E. Mason (1917-2012) en zijn assistent Ivan Likar van de Johns Hopkins University School of Medicine uit Baltimore, verbeterden het 12-kanalige ECG-systeem voor gebruik bij inspanningstesten. De rechterarm-elektrode werd op de punt van de infra-claviculaire fossa media geplaatst aan de grens van de deltoïdspier en twee cm onder de laagste grens van de clavicula. Op dezelfde manier werd de linkerarm-elektrode aan de linkerzijde geplaatst. De linkerbeen-elektrode werd op de linker iliacale kam geplaatst. Door deze plaatsing verminderde het aantal spierartefacten die door bewegende ledematen veroorzaakt werden. Hoewel dit systeem de variabiliteit in de ECG-opname tijdens inspanningen  reduceerde, was het niet meteen het equivalent van de standaard afleidingsposities. Het Mason-Likar-afleidingssysteem scheen het ECG te vervormen met een rechtse verschuiving van de QRS-as, een reductie van de R-golf amplitude in afleiding I en aVL en een significante toename in de R-golf amplitude in afleidingen II, III en aVF.

Vier weken lang bestudeerde de Britse fysioloog Lewis Griffith Pugh (1909-1994) van het Londense National Institute for Medical Research zes eminente Britse middenafstand-lopers tijdens een acclimatisatieperiode op de hoogte van Mexico City. Hij toonde aan dat de tijden van de atleet in een 3-mijls-race tijdens de eerste week van blootstelling aan hoogte met 8,5% stegen vergeleken met de prestaties op zeeniveau. Hij uitte ook enige bezorgdheid over het feit dat het hart tijdens en na een maximale training op 2270m prikkelbaarder is dan op zeeniveau, en dat er daardoor een mogelijk risico op ventriculaire fibrillatie bestaat.


rdsm
run4brain